Rekenmachine Bob

 


Isobella was verliefd op een rekenmachine.
Ze was acht jaar oud en ze was een rekenwonder. Ze kon optellen, aftrekken, delen, vermenigvuldigen en kwadrateren.
"Je neemt het kwadraat van twee, ik spring in de zee, de zee is vier, de sterren zijn zestien. Kwadraat zee wordt een ster in de Melkweg."
Ze ratelde gewoon door, over sterren, bomen, planten, de zee, vissen en een berg en hoe dit alles op een manier een verband had met getallen.
Haar moeder wist niet altijd raad met haar fantasie. Ze gaf haar een rekenmachine voor haar negende verjaardag.
"Ik reken met sterren en bergen, mama," zei ze. "Ik gebruik mijn Rekenmachine Bob (ja, ze had het een naam gegeven...) en ik zie diep in dingen..."
Rekenmachine Bob kreeg een papieren hartje erop geplakt, ingekleurd met een rode stift.
Isobella kreeg geen genoeg van Rekenmachine Bob, ze sprak hierover zonder ophouden.
Ze was veertien. Op een dag begon Isobella raar te doen. Ze begon vreemd te praten.
"De wereld is niet goed meer, alles gaat tot niets! De wereld staat op zijn kop!" Isobella begon soms hardop te schreeuwen. Ze begon haar moeder met kopjes te bekogelen.
"Wat is er toch, kind!" Haar moeder wist zich geen raad meer.
"Sterren verdwijnen! Er zijn orkanen en alle vissen gaan dood! De bergen gaan verdrinken in de zee!"
Dit duurde een paar dagen.
Isobella sliep, gelukkig. Met Rekenmachine Bob op haar nachtkastje. Haar moeder zag dat het papieren hartje eraf gescheurd was.
Wat is dit?
Ze typte op de rekenmachine. Van een tot negen. Het nummertje vijf werkte niet. Rekenmachine Bob was kapot, elk antwoord was fout.
Haar moeder kocht een nieuwe rekenmachine voor Isobella.
Een paar dagen later was Isobella weer gelukkig.
Ze zei dat de bergen weer op hun plek waren, de vissen zwommen weer in de zee.
Alle sterren waren weer op hun plek.
EINDE
© 2020 Michael J Secreve - All Rights Reserved

Reacties